Naar hoofdinhoud

Kwetsbaarheid mag er zijn

Eva Kalis (32) werkt als preventiedeskundige bij Jellinek en woont in Woerden met haar man en zoontje (9 maanden).

‘Tijdens mijn zwangerschap koos ik voor de Centering Pregnancy-groep. Je hebt dan geen individuele afspraken met de verloskundige, maar komt samen met andere moeders. Je leert dan ook weer van de vragen die een andere moeder stelt. Ik had het fijn gevonden als die bijeenkomsten ook na de zwangerschap nog waren doorgegaan, gericht op het ouderschap. Ik was goed voorbereid op de bevalling en zwangerschap, maar minder op het moment dat de baby er eenmaal was. Achteraf kom je nog een keer samen met je baby, maar het was ook fijn geweest om alleen met de moeders bijeen te komen. Ik denk dat daar nog veel moois te winnen valt. We zitten nu in een appgroep en spreken nu iedere drie, vier maanden af. Vooral de leuke dingen worden gedeeld. De vorige keer was het bij mij thuis. Ik wilde de gesprekstool bespreken, maar met al die kindjes erbij lukte dat niet. Dan is het lastiger om kwetsbare dingen te bespreken, terwijl ik denk dat dat ook fijn kan zijn.

De eerste maanden met een baby vond ik intens. Achteraf gezien kan ik dat verklaren: ik had eerder een miskraam gehad, was net verhuisd, mijn ouders gingen onverwachts uit elkaar en na de bevalling kwam de placenta niet los. Ik verloor veel bloed en moest worden geopereerd. In de kraamtijd was ik heel somber. Ik voelde me een vaatdoek, maar kon niet slapen. Een heel mooi moment was toen mijn schoonzus, die vier kinderen heeft, langskwam. Ik huilde en had de energie niet om mijn zoontje na een voeding te laten boeren. Ze keek me aan en vroeg: ‘Hoe is het met jou? Want dit is niet oké, dit zijn geen normale kraamtranen.’ Het was fijn dat zij zag: dit gaat niet goed. Voor mijn man was het ook een bevestiging. Ik was opgelucht, omdat ik eerst dacht dat ik me niet moest aanstellen. Ik dacht dat dit erbij hoorde. Het consultatiebureau en de verloskundige zijn heel steunend geweest. Ik werd meteen serieus genomen. Ik kreeg slaapmedicatie en daarna antidepressiva. Omdat er in het begin zoveel spanning was, was er niet de ruimte om naar onze zoon te kijken. Daarom verwees het consultatiebureau ons door naar het baby-ouderprogramma. Ze kijken daar naar het hele gezin en dat is heel fijn. Het gaat nu een stuk beter, ook omdat ons zoontje veel beter slaapt. Ik ben trots op mezelf als ik een dag lekker dingen onderneem met de baby en alles lukt. Dat ik niet de hele dag met klotsende oksels en een gestrest gevoel rondloop, maar dat het ontspannen is.’

Deel het artikel